Bespreking

‘Ondanks het feit dat hij haar niet kan zien’ – Edwin Fagel en de vraag van die altijd weer goddelijke vrouw

Alberto Giacometti - Detail van een van de schilderijen van Annette

In een essay, ‘De goddelijke kut. Kunst en poëzie als mystieke daad’, dat vier jaar geleden in Revisor verscheen, zegt Edwin Fagel naar aanleiding van een gedicht van Sasja Janssen dit:

Ze zoekt naar een werkelijkheid tussen deze twee werkelijkheden in: een niet-verzonnen, niet echte werkelijkheid. Een, zou je kunnen zeggen, heilige werkelijkheid.

Even verderop noemt hij dat een ‘mengvorm tussen wat ‘in scène’ en wat ‘echt’ is,’ waardoor je je zou kunnen beginnen af te vragen wat het nou is: verzonnen noch echt, of verzonnen en echt? En waarom zou je dat heilig noemen?

Bespreking

‘we jaagden altijd al op elkaar in onszelf’ – Hoe liefde vergaat in Charlotte van den Broecks Nachtroer

Piet Mondriaan - Compositie met rood, geel en blauw (1942)

In haar essay Twee gaten (Gids #6, 2016) noemt Lieke Marsman het gedeelde bed ‘de plek bij uitstek waar ons symbiotische liefdesideaal werkelijkheid wordt’. Dat bed is tegelijk de plek waar duidelijk wordt dat zo’n verlangen naar eenwording niet volledige vervuld kan worden, want ‘zodra de dag aanbreekt gaat ieder zijns weegs.’ Wat onder de lakens een en hetzelfde zou kunnen zijn, dat Shakespeareaanse beest met de twee ruggen, splits ’s ochtends weer op in twee afzonderlijke personen.

Charlotte van den Broecks plaatst haar tweede bundel Nachtroer (2017) in de lijn van gedachten als die van Marsman als ze die in Opiums radioprogramma afzet tegen haar eersteling Kameleon (2015): ‘In de eerste bundel was het een zoektocht naar symbiose, met het eigen lichaam, met andere lichamen. Dat was heel hoopvol. En nu is die symbiose toch wel gefaald in de tweede bundel.’ Dit wordt al duidelijk in het eerste gedicht van de openingsafdeling, waarin niet alleen het bed, maar heel het huis wordt verdeeld tussen scheidende geliefden ‘in bananendozen en bezittelijk voornaamwoorden / de boekenkast in links en rechts’.

Zo begint de reconstructie van een ontbonden relatie.