Opinie

‘Zij, die deel is van de uitbuiters’ – Over de naïeve kritiek op engagement, of: Het wachten is op Jezus Christus, onze Heiland

Na lezing van het debuut van Dominique De Groen, Shop Girl, bleef ik met een wat leeg en knagend gevoel achter. Dat begint al bij de titel, die op zijn minst dubbelzinnig is: het gaat om een ‘winkelmeisje’, zoveel is zeker, maar gaat het daarbij om een meisje dat in/voor een winkel(keten) werkt, of om een meisje dat graag shopt? Het eerste is het geval (zo blijkt al uit het achterplat), maar mogelijk het tweede (naar ik vrees) eveneens. Is het niet, op zijn minst, een kokette, vette knipoog naar de cultuur van het shoppen, het kopen van hippe kleding, (deels) vermomd als engagement?

Aldus opent de wat mij betreft exemplarisch kortzichtige bespreking van Shop Girl in de recente Poëziekrant (2018/2), geschreven door Willem Thies. Laat ik, na die zin en bij wijze van disclaimer, meteen maar benadrukken er niet op uit te zijn een of ander wraakstuk te schrijven, en evenmin een polemiekje op gang te brengen – in feite is Thies’ bespreking in waarover ik het wil hebben slechts een voorbeeld-van, en ik zie nu eenmaal geen goede mogelijkheid om het buiten zo’n voorbeeld om te hebben over de vorm van als kritische blik optredende naïviteit die typerend lijkt voor veel van ons huidige denken.

Waarom zouden we bundels recenseren als we niet aan durven te nemen dat de dichters ook hebben gezien wat wij zien?

Die naïviteit begint in dit geval al in de aangehaalde openingsalinea, en bevindt zich bijvoorbeeld in het ‘naar ik vrees’, in het vragende ‘is het niet, op zijn minst’, en in de afsluitende opmerking dat bij het maken van een ‘kokette, vette knipoog naar de cultuur van het shoppen’, het engagement dat daarmee mogelijk gepaard gaat slechts de vermomming is.

Bespreking

‘Niets meer dan afstand’

Vorig jaar verscheen Meer mensen dan reddingsvesten, de vierde bundel van C. Buddingh’-winnaar Willem Thies. De bundel bestaat uit vier afdelingen, waarvan de eerste, ‘Quitte’, beschrijft hoe binnen een relatie afstand ontstaat en weer afneemt – misschien niet precies ontstaat, niet afneemt, maar in elk geval: verandert.

Vanzelfsprekendheid zelf is waarin je je thuis kunt voelen, waarin je zonder onderbreking kunt bewegen.